Monthly Archives: januari 2017

Functies

Wie doet wát op de basisschool?

Directeur:                          

Heeft de leiding over een school en is met name verantwoordelijk voor het onderwijsbeleid, de kwaliteitsontwikkeling en de bedrijfsvoering.

Algemeen directeur:    

Als er meerdere scholen vallen onder bijvoorbeeld een gemeente of stichting dan staat boven de schooldirecteur vaak nog een bestuur en/of een bovenschoolse directie. Dit zogenaamde “bevoegd gezag” draagt zorg voor de beleidsontwikkeling en beleidsbepaling voor scholen en bewaakt de kwaliteit en de uitvoering.

Bestuur:                             

Het bestuur draagt de eindverantwoording over een of meerdere scholen. Het bepaalt het schoolbeleid en voert taken uit die door de overheid zijn opgelegd.

Groepsleerkracht:         

De groepsleerkracht (de juf of meester dus) geeft les en begeleidt leerlingen in een eigen groep. Hij of zij is de vraagbaak voor ouders en verzorgers over alles wat met het onderwijs van hun kind te maken heeft.

Vakleerkracht:                

Dit is een doorgaans gespecialiseerde leerkracht, die aan meerdere groepen lesgeeft in een specifiek vak. Bijvoorbeeld een gymdocent.

Remedial Teacher:        

Deze geeft extra ondersteuning aan leerlingen met leer- en gedragsproblemen. Meestal gaat het om ondersteuning in kernvakken, zoals taal en rekenen. Meer…

Intern begeleider

De intern begeleider is verantwoordelijk voor de ontwikkeling, coördinatie en uitvoering van het zorgbeleid van de school en, waar nodig, de begeleiding van leerkrachten. Meer…

Vertrouwenspersoon:

Is een aanspreekpunt voor klachten van ouders, leerlingen en personeel over nalatigheid, maatregelen en gedrag op school.

Teamleider / adjunct directeur: 

Vormt samen met de directeur de schooldirectie, en geeft mede leiding en sturing aan onderwijskundige zaken.

Ouderraad:

De ouderraad bestaat uit ouders die zich inzetten voor de organisatie van leuke schoolse activiteiten en voor (beleids) zaken in het belang voor ouders en leerlingen. Meer…

Medezeggenschapsraad:

Deze bestaat uit personeel en ouders die meedenken over het schoolbeleid en heeft vaak een adviserende, en ook een beslissende rol in beleidszaken.    Meer…

Onderwijsondersteunend personeel

Leerkrachten kunnen incidenteel bij hun werk in de klas worden bijgestaan door ouders, die bijvoorbeeld optreden als “leesmoeder”. Ook is het mogelijk dat de school speciaal opgeleide klassen- of onderwijsassistenten inzet of dat bijvoorbeeld enige tijd een stagiair van de PABO ervaring komt opdoen onder de hoede van een leerkracht.

Daarbij kan het voorkomen dat de stagiair eens zelfstandig een lesje voor de groep verzorgt. Meer…
Afhankelijk van het niveau van de stagiaire kan de leerkracht van de kinderen daar wel of niet bij aanwezig zijn.

Overig ondersteunend personeel:                        

Net zoals in de meeste organisaties hebben ook basisscholen doorgaans ondersteunend personeel in dienst voor niet onderwijs specifieke taken. Bijvoorbeeld een conciërge, administratief medewerker, schoonmakers et cetera.

Externe ondersteuning:

Ambulant begeleider

Deze geeft begeleiding aan kinderen met een taal-/spraakprobleem of kinderen met een stoornis en ondersteunt de leerkracht en eventueel de ouders.

Schoolbegeleidingsdienst:

De schoolbegeleidingsdienst verzorgt nascholingscursussen en begeleidt en ondersteunen scholen bij
problemen van schoolorganisaties en / of de begeleiding van kinderen.

GGD:

Voert periodiek gezondheidsonderzoek uit onder de kinderen. (Dit onderzoek is een beetje vergelijkbaar met dat van een consultatiebureau voor de jongste kinderen…)

Logopedist

Wanneer kinderen 5 jaar worden, screent de logopedist op taal- en spraakontwikkeling. Meer…

Stagiaires

Toekomstige collega’s

Op veel scholen zijn regelmatig stagiaires te vinden. Zij volgen op de Pedagogische academie voor het basisonderwijs (Pabo) een vierjarige opleiding tot leerkracht op de basisschool.

In het eerste jaar bestaat hun opdracht vooral uit het observeren in de klas en eventueel al eens les geven. De eigen groepsleerkracht van de kinderen blijft altijd in de klas aanwezig, als de stagiaire in zijn of haar klas lesgeeft. De leerkracht treedt dan op als begeleider en coach van de student.

Meestal wordt een stageplaats aangewezen door de Pabo en vaak dichtbij de woonplaats van de stagiaire. De begeleidende leerkracht stemt vooraf in met de komst van de stagiaire. De stageperiode kan variëren van enkele maanden tot een half jaar en vaak bezoekt de stagiaire zo in een studiejaar twee stagescholen.

Als een enkele student niet aan het gewenste niveau voldoet, wordt in overleg met de Pabo de stage beëindigd.

LIO-stagiaires

De studenten in het laatste jaar van de opleiding, volgen een stage “Leraar In Opleiding”. Deze LIO-stage duurt vaak één jaar. In het begin nog in het bijzijn van de groepsleerkracht en in de laatste periode zelfstandig, zonder dat de begeleidende groepsleerkracht altijd aanwezig is in het lokaal. Vaak wordt die ergens anders ingeroosterd, omdat basisscholen in deze tijd over zeer beperkte personeelsbudgetten beschikken.

Klassenassistent

Klassenassistent en Onderwijsassistent

Klassenassistent

In de onderbouw van het basisonderwijs (de groepen 1 t/m 4) wordt de leerkracht soms ondersteund door een klassenassistent. Voor deze functie bestaan 2 niveaus:

Niveau 3
Alleen verzorgende taken, zoals:
– het strikken van veters.
– het helpen bij de hygiënische verzorging, zoals handen wassen.
– het helpen van leerlingen bij de gym.
– het klaarzetten en opruimen van lesmateriaal.

Niveau 4
Naast verzorgende taken, ook eenvoudige onderwijsinhoudelijke taken, zoals:
– het helpen van groepjes leerlingen met het uitvoeren van opdrachten.
– het ondersteunen van de leerkracht bij het maken van lesmateriaal
– het motiveren van leerlingen om zich te concentreren en om zich in te zetten om de lesstof op te nemen.
– het houden van toezicht tijdens de pauzes.
– het signaleren van eventuele problemen of achterstanden bij leerlingen en dit met de leerkracht bespreken.
– het bijwonen van besprekingen over leerlingen.

De verantwoordelijkheid blijft natuurlijk altijd bij de leerkracht.

Onderwijsassistent:

Een onderwijsassistent biedt assistentie in de klas aan de leerkracht van alle groepen in het basisonderwijs (groepen 1 t/m 8). Hij of zij kan taken overnemen van de leerkracht en meer aandacht geven aan de leerlingen, maar is niet bevoegd om klassikaal les te geven.

Taken van de onderwijsassistent zijn:
– Het ondersteunen en begeleiden van leerlingen.
– Het assisteren van de leerkracht.
– Het uitvoeren van administratieve en verzorgende taken.
– Het assisteren bij buitenschoolse activiteiten.

De verantwoordelijkheid voor deze activiteiten ligt overigens altijd bij de leerkracht!